Voorjaar op het Rondje Trynwâlden
Eén van de tips uit de blog 5x wandelen in de lente van dit voorjaar was om te gaan wandelen op Friese landgoederen om stinzenplanten te zien. In het noorden van het land lieten deze planten dit jaar even op zich wachten, maar na wat dagen met mooi voorjaarsweer lijkt dan ook in het noorden de tijd rijp te zijn voor mooie voorjaarsbloeiers. Ik kies voor het Rondje Trynwâlden waarmee je door enkele landgoederen en dorpjes met een nostalgisch karakter komt. In deze rondwandeling van ongeveer 19 km zijn delen van het Streekpad Noardlike Fryske Wâlden en het Elfstedenpad opgenomen, maar dit dekt niet de hele rondwandeling, zodat het makkelijker is om de knooppunten uit de beschrijving te volgen. De geel-rode markering van de Streekpaden kan echter soms wel behulpzaam zijn.

Huis met de naam Trynwâlden in Giekerk © Marleen Lekkerkerk
De dichtstbijzijnde bushalte bij de route vanuit Leeuwarden is de halte 'Breedijk' bij Rijperkerk, waar de paal van knooppunt 43 staat. Het is dan een paar honderd meter lopen naar knooppunt 34, ten zuiden van Giekerk. Daar begin ik de wandeling, maar het officiële startpunt is in het dorp Oenkerk.
Bouwepet
Bij knooppunt 34 begint het meteen al goed, want door een klaphek kom ik meteen in het natuurgebied Bouwepet van It Fryske Gea. De naam komt van het kronkelige watertje Bouwepet, een restant van een oorspronkelijk veenstroompje. Het woord ‘pet’ in de naam, geeft aan dat er in dit gebied vroeger turf werd gewonnen. Rond het water vind je veel riet en enkele bosjes met wilgen en elzen. Alles bij elkaar een ideaal leefgebied voor veel moeras- en watervogels. Vanaf de graskade zie ik dat er in de afgelopen winter pleksgewijs riet is gemaaid. Riet moet af en toe gemaaid worden om te voorkomen dat het gebied dichtgroeit met bomen, maar niet alles tegelijk om te zorgen dat de rietvogels bij terugkomst uit het zuiden nog riet vinden om in te kunnen broeden. Op de plassen rusten nu vooral veel grauwe ganzen. 's Avonds en 's nachts vinden zij veel voedsel op de omliggende eiwitrijke boerengraslanden.
Vanuit het riet hoor ik de roep van een waterral, ook wel het 'gegil van een speenvarken' genoemd. Het is een vogel met een geheimzinnig verborgen leven die je zelden zult zien. Na een hek loopt er een groepje Exmoor-pony's die het gebied begrazen. Eentje is van de groep gescheiden door wat water, maar besluit zich dan bij de groep aan te sluiten en banjert er gewoon naartoe door het ondiepe water.

Exmoor-pony in het water © Marleen Lekkerkerk
Ik kom het gebied uit bij het geologisch monument. In de omgeving liggen nogal wat zwerfstenen die in de ijstijd door een landijsgletsjer hier naartoe gebracht zijn. Over kleine weggetjes loop ik naar het dorpje Mûnein (Moleneind), dat zijn naam ontleent aan een inmiddels verdwenen molen. De restanten van een voormalige vlasfabriek zijn nog wel te zien; de schoorsteen is van verre zichtbaar.
Hulst en Rhododendrons
Ik ga wederom een gebied van It Fryske Gea in: de bosjes Grikelân en Turkije. De familie Van Sminia die in deze omgeving veel bezittingen had, heeft deze bosjes laten aanleggen met de opbrengst van Griekse en Turkse staatsobligaties, vandaar de naam. Er staan oude bomen met een onderlaag van veel hulststruiken, soms metershoog. Spechten roffelen op de bomen en citroenvlinders fladderen langs de paden, zowel de felgele mannetjes als de bleker gekleurde vrouwtjes. Na het bos loop ik ineens tussen uitgebreide rhododendronstruiken die nu nog in knop staan. Dat moet een bloemenpracht zijn als ze straks bloeien. Maar rhododendrons, dat betekent dat ik in de buurt van een landgoed kom. Dat klopt, ik loop naar De Klinze, een landhuis met omringend openbaar park. Hier en daar staan sneeuwklokjes en krokussen, en op zonnige plekjes bloeit speenkruid.

De Klinze © Marleen Lekkerkerk
Rustige dorpjes
Het dorpje Aldtsjerk (Oudkerk) ligt aan de Elfstedenroute. De brug waar in 1963 oud-winnaar Jeen van den Berg met zijn hoofd tegenaan reed, is naar hem genoemd, evenals het pleintje. Het is er rustig; het café gaat pas om 18.00 uur open.

Jeen van den Berg-brug in Aldtsjerk © Marleen Lekkerkerk
Stania State
Ik loop op grotere afstand wederom langs landhuis De Klinze en door het bos van Grikelân en Turkije. Dan kom ik bij Stania State, waar meer stinzenplanten te vinden zijn. Op het terras van de brasserie zitten wat mensen in de zon, maar ik eet een boterham op een bankje in het park.

Een groep narcissen op Stania State © Marleen Lekkerkerk
Terug naar Gytsjerk
Na het wat grotere dorp Oentsjerk (Oenkerk) loop ik het open landbouwgebied weer in. In enkele grote loodsen was vroeger de Praktijkschool voor de Veehouderij gevestigd. Nu is het o.a. een centrum voor dagbesteding en een manege. Nog een stukje over een fietspad en een graskade richting Gytsjerk (Giekerk) en dan ben ik weer bij het beginpunt.
Een fijne afwisselende wandeling met natuur, landgoederen en dorpjes.